‘Gratis’ Openbaar Vervoer het kan!!!

‘Gratis’ Openbaar Vervoer is ‘duur’?

Wat kost het?

Iedereen kan zien dat met meer en meer personenauto’s op de weg (om van het vrachtverkeer maar te zwijgen) het verkeer steeds meer vastloopt. Tegelijkertijd stagneert het openbaar vervoer (OV). Steeds minder mensen stappen in want die gaan met de auto. De vele ‘lege stoelen’ in de bussen die langsrijden zijn berucht. Daarom schrappen we lijnen, haltes en frequenties. In theorie rijden er dan minder lege stoelen in de bus, maar onontkoombaar rijden er meer auto’s want mensen willen zich toch kunnen verplaatsen. Jammer voor die mensen die niet kunnen overstappen, die te arm zijn, of fysiek er niet toe in staat, de gehandicapten, senioren en kinderen.

Te veel verkeer op de weg, te veel chauffeurs alleen in een auto, te weinig passagiers in het door ons allen samen betaalde openbaar vervoer. Volgens de minister van Verkeer en Waterstaat betalen de belastingbetalers 60% van de kosten, in de vorm van  subsidie voor bus/tram/metro, €1,3 miljard per jaar. Zij heeft het dan over haar eigen begroting. De belastingbetaler betaalt al veel meer, via de minister van Onderwijs voor de studenten (€370 miljoen), via de minister van Sociale Zaken voor allerlei hulpbehoevenden (€900 miljoen). En vele provincies en gemeenten dragen tegenwoordig ook al flink bij uit de provinciale en gemeente-kas, ook veelal belastinggeld. Niemand weet precies hoeveel.

Wat een economische verspilling! Wel belasting betalen, niet gebruiken.

De oplossing ligt eigenlijk wel zeer voor de hand. Zorg ervoor dat meer mensen met de bus reizen. De minister doet dat door autokilometers duur te maken. Ik stel voor dat doel te bereiken door OV ‘gratis’ te maken.

Meer passagiers in de bus kost aanvankelijk niets extra. In eerste instantie wordt immers gebruik gemaakt van de lege stoelen die toch al rondrijden. Begin je met goed gekozen doelgroepen met name senioren, gehandicapten en kinderen tot 6 jaar, zoals in België sinds 1997, en eerder al in Ierland en sinds kort in Engeland, Schotland, Noord-Ierland en Wales, dan gaat het om relatief beperkte delen van de bevolking. De lege bussen kunnen  die extra ‘gratis’ reizigers meenemen zonder meteen extra voertuigen of personeel nodig te maken.

Pas nadat door de toestroom van extra ‘gratis’ reizigers, voertuigen weer vol raken, moet ook het OV-aanbod worden uitgebreid en dat kost wel extra geld.

Dan ziet de politiek echter volle bussen.Goed gebruikt OV (volle bussen) krijgt wel extra financiering van politici. Er komen extra bussen en chauffeurs. Dan geldt de verkeerswetmatigheid dat vergroot OV-aanbod nieuwe betalende reizigers aantrekt vanwege de verbeterde dienstverlening. Dat geloofde aanvankelijk niemand.

Vlaanderen bewijst in de praktijk dat met steeds meer ‘gratis’ reizenden (nu al een kwart van de 6 miljoen Vlamingen), tegelijkertijd bij De Lijn, het Vlaamse bus- en trambedrijf, de netto vervoerontvangsten stijgen van €103 miljoen in 2003, via €111 miljoen in 2004 naar €114 miljoen in 2005. Per personeelslid stijgt het in dezelfde jaren van €15.097, via €15.337 naar €15.572, terwijl ook de afgelegde kilometers per personeelslid jaar op jaar stijgen.

Elke vervoerseconoom vindt nog steeds dat dit theoretisch niet kan. Stap voor stap steeds meer mensen ‘gratis’, en toch meer inkomsten afkomstig van de reizigers? Inderdaad, dat blijkt in het echte leven.

We kunnen het kostenplaatje op vele manieren bekijken.

Roze strippenkaarten

Landelijk betaalden 65-plussers en kleine kinderen aan roze strippenkaarten €40 miljoen in 2005. Met onze 16 miljoen inwoners, per inwoner €2,50 per jaar. Van onze bevolking is 15% ‘senior’. Per senior €15 per jaar. Precies de bedragen die ook in Vlaanderen berekend en gecontracteerd zijn tussen De Lijn en de Gewestelijke overheid. Zelfs als de senioren dubbel zoveel met de bus zouden gaan, dan zijn de aanvangskosten nog steeds overzienbaar.

Gebruiken we dezelfde cijfers voor Deventer met een kleine 100.000 inwoners waarvan 15.000 senioren, dan kost het €250.000 à €500.000 per jaar. Per inwoner €2,50 à €5,00.

Aan het Hoofdstuk Middelen van de gemeentebegroting voor 2007 ontleen ik dat de gemeente constateert dat de burgers vanaf 2006 een lagere OZB (gemiddeld € 184) betalen, omdat het rijk in 2006 het gebruikersdeel OZB-woningen afschaft. Daarmee vergeleken is die maximaal €5 per inwoner, of per gemiddeld huishouden van vier personen €20, toch verwaarloosbaar klein? Per huishouden gaan alle ouderen, gehandicapten en kleine kinderen ‘gratis’ met de bus voor 6 cent per dag. Is dat duur?

En dan blijft nog ongeteld de grotere verkeersveiligheid en de verbeterde luchtkwaliteit en het daardoor verbeterde milieu en gezondheid.

In 2003 onderzocht de provincie Zeeland wat het zou kosten om alle buslijnen in de provincie voor iedereen en op alle uren van de dag ‘gratis’ te maken.

De uitkomst was – als alle andere factoren gelijk bleven behalve een ‘extra benodigde inzet van 15%’ – dat dan de provinciale begroting per jaar €10.250.000 hoger moest worden, uiteraard te betalen door de belastingplichtigen van Zeeland. Dat vonden Provinciale Staten te veel en het ging niet door.

Is het ook (te?) veel? Met 375.000 inwoners in Zeeland komt het op €28, een halve euro per week per inwoner. Dat is al niet veel.  Maar waarom zouden de Zeeuwen het zelf moeten betalen? De Provincie heeft als streefcijfer dat binnenkort 25 miljoen formeel geregistreerde toeristische overnachtingen per jaar worden genoteerd (dus niet als uw neefje Dirk bij u komt logeren!). Dat zijn toeristen die in hotel, pension, jachthaven, tent, caravan, enz. zich melden.

Gemiddeld geeft een toerist per etmaal 50 à 100 euro uit aan logies, eten en uitgaan. Als elke toeristische overnachting €0,40 aan toeristenbelasting zou opleveren dan is die 10 miljoen euro ook betaald. Wat zou dat aan reputatie-winst voor Zeeland betekenen? Hoeveel meer toeristen zouden er komen als de bus overal ‘gratis’ is? Is er dan nog een provinciaal PR-budget nodig? Komen de Duitsers en Belgen niet in nog groter getale? Hoeveel meer verdient de toeristenindustrie dan?

Wie niets ziet in ‘gratis’ OV, zegt gemakkelijk dat de kosten de pan uitrijzen. Dat is  overal steeds het eerste tegen-argument. De cijfers voor de roze strippenkaarten en de berekening voor Zeeland, laten ook vanuit de praktijk zien dat dit al te gemakkelijk is.

Het kostenargument wordt wel erg snel uit de kast gehaald als ‘gratis’ openbaar vervoer in discussie is. We horen het nauwelijks als het er om gaat nieuwe weginfrastructuur te bouwen. Terwijl alle verkeersdeskundigen weten dat aanleg van nieuw asfalt de congestieproblemen niet oplost, terwijl dat heel duur is.

Parkeersubsidie

De jaarlijkse kosten van openbare parkeerplaatsen zijn opgelopen tot €5,6 miljard, 94% wordt ‘gratis’ aangeboden. Vrijwel alle wel betaalde plaatsen worden te goedkoop aangeboden. Samen met de justitieel opgelegde boetes brengen parkeergelden per jaar één miljard euro op. De overige 4,6 miljard euro wordt betaald uit de algemene middelen. Per personenauto (7 miljoen stuks in ons land) ontvangt de autobezitter voor het parkeren van zijn auto gemiddeld 650 euro parkeersubsidie per jaar. Daarover hoor je niemand. Dit is extra kortzichtig omdat het parkeren van auto’s in de komende jaren een nog veel groter probleem zal worden dan de congestie op de weg nu reeds is.

Als we per auto de helft zouden terughalen en dat zouden besteden aan het betalen van het OV, dan zou er jaarlijks € 2,275 miljard beschikbaar komen. Meer dan wat reizigers in trein, bus, tram en metro nu aan hun kaartjes uitgeven! Wie noemt dan ‘gratis’ OV nog steeds te duur? Halen we de hele parkeersubsidie terug dan kan het gehele OV met 50 procent groeien en toch ‘gratis’ worden aangeboden.

Het kritiekloos aanvaarden van deze enorme parkeersubsidie, en de kritiek op de subsidie die het OV in stand houdt en dat ‘gratis’ zou moeten maken voor ouderen, gehandicapten en kinderen, toont aan hoe de besluitvorming politiek bepaald is. Waarom en voor wie  subsidiëren we eigenlijk het parkeren van auto’s?

Einde tijdperk aanbesteden van vervoersconcessies

Europese regels verplichten u helemaal niet mee te doen aan de kostbare verdwazing  van

het aanbesteden van vervoersconcessies die in Nederland geëist wordt. (Eén rondje

vervoersconcessie-aanbestedingen kost € 30 miljoen en dan is er nog geen meter

gereden). U mag zelf beslissen aan welk bedrijf u uw OV toevertrouwt. U heeft nu de

kans dat te doen omdat de minister van Verkeer en Waterstaat keer op keer overduidelijk

laat weten dat niet zij maar de regionale autoriteiten verantwoordelijk zijn voor de

voorziening van hun burgers met OV. Grijp die kans en ga niet OV en particulier verkeer

ontwikkelen zoals opeenvolgende kabinetten tussen 1950 en 2000 gedaan hebben met de

desastreuze gevolgen die we vandaag de dag beleven.